Loofbomen hebben meestal een plat en breed blad, om zoveel mogelijk licht op te vangen. Het blad is opgebouwd uit een bovenste en onderste opperhuid of epidermis, waartussen bladmoes zit. Dit kan uit verschillende celtypes bestaan. Hierin zit ook het chlorofyl dat voor de fotosynthese zorgt en dat de groene kleur aan de bladeren geeft. Het blad heeft meestal een wasachtige laag op zijn oppervlak, om nutteloze waterverliezen te beperken en zo een vochtige omgeving binnenin het blad te behouden en verwelking tegen te gaan. Gasuitwisseling gebeurt door kleine gaatjes in de opperhuid, de huidmondjes of stomata. Deze komen vooral voor op de onderkant van het blad, soms op beide zijden. Ze kunnen geopend of gesloten worden door sluitcellen en staan in verbinding met een kleine holte waar de gasuitwisseling plaatsvindt. Het transport van water, suikers en mineralen gebeurt door de vaatbundels of nerven die in het bladmoes ingebed zijn. Bladeren hebben zich op zoveel manieren aangepast aan de groeiomstandigheden dat het scala aan bladvormen en -soorten haast eindeloos lijkt.

De morfologie van het blad

De morfologie van het blad

De naalden van coniferen mogen niet enkel gezien worden als gereduceerde bladeren. De basiswerking van een naald is echter sterk vergelijkbaar met die van het blad. De fotosynthese gebeurt door het chlorofyl en water- en gasuitwisseling gebeurt door huidmondjes in de opperhuid. Naalden zijn beter dan bladeren opgewassen tegen onherbergzame groeiomstandigheden door hun compactere vorm, hun dikke waslaag en de ingezonken huidmondjes, waarvan er vaak ook minder zijn. Coniferen houden hun naalden meestal meerdere jaren, soms twee of drie, maar bij sommige soorten kan dit oplopen tot enkele tientallen jaren (bijvoorbeeld bij de slangenden, Araucaria araucana). Sommige coniferen zoals lork (Larix decidua) verliezen elk jaar hun naalden. Ook slechte groeiomstandigheden of gezondheidsproblemen kunnen ervoor zorgen dat de naalden vroeger vallen. Eén of twee vaatbundels zorgen voor het watertransport. Vaak zijn ook harskanalen aanwezig. Deze spelen een rol bij het afweersysteem (bv. insectenvraat).

De morfologie van de naald

De morfologie van de naald